Voorrangsregels CBR theorie-examen: complete gids
Voorrang is het grootste struikelblok op het theorie-examen. Hier leer je de vaste hierarchie, rechts gaat voor, de borden B1 tot en met B7, haaientanden, trams, hulpvoertuigen en voorrang bij afslaan. Met een vast stappenplan voor elke vraag.
Test gratis je niveauVoorrangsregels horen bij de kern van het CBR theorie-examen. Deze gids behandelt alle situaties die je kunt tegenkomen. Voor de specifieke uitleg over kruispunten met voorbeelden hebben we een aparte gids, die we hieronder koppelen.
🚧 Verdiepende gids Voorrangsregels op een kruispunt: wie heeft voorrang? Stap voor stap door elke kruispuntsituatie, met duidelijke voorbeelden.De voorrangshierarchie: artikel 84 RVV 1990
Voor je kunt bepalen wie voorrang heeft, moet je eerst weten welke regel van toepassing is. Artikel 84 RVV 1990 geeft een strikte volgorde:
Voorrang verlenen vs voor laten gaan
Een veelgemaakte examenfout: het verschil tussen deze twee begrippen niet kennen. Ze lijken op elkaar, maar gelden voor verschillende groepen.
| Voorrang verlenen | Voor laten gaan |
|---|---|
| Geldt alleen tussen bestuurders | Geldt voor alle weggebruikers, ook voetgangers |
| Bij haaientanden, bord B6, rechts voor links | Bij afslaan op zebrapad, fietspad oversteken, woonerf |
| Voetganger speelt geen rol | Voetganger telt wel mee |
Rechts gaat voor: de basisregel
Dit is de meest basale voorrangsregel uit artikel 15 RVV 1990, maar ook de meest verkeerd toegepaste:
Op een gelijkwaardige kruising verlenen bestuurders voorrang aan voor hen van rechts komende bestuurders.
Een gelijkwaardige kruising is een kruispunt zonder verkeersregelaar, zonder werkend verkeerslicht, zonder voorrangsbord en zonder haaientanden. In woonwijken kom je deze het vaakst tegen. Lees de volledige uitleg met voorbeelden in de gids over voorrangsregels op een kruispunt.
Wanneer geldt rechts voor links niet?
- Onverharde weg: kom je van een onverharde weg zoals een zandpad, dan verleen je voorrang aan bestuurders op de verharde weg, ook al kom je van rechts.
- Uitrit verlaten: als je een uitrit verlaat zoals een parkeerplaats of oprit, verleen je voorrang aan al het andere verkeer.
- Tram: trams hebben altijd voorrang op gelijkwaardige kruisingen, ook als ze van links komen.
- Voorrangsweg: bestuurders op een voorrangsweg (bord B1 of haaientanden voor de zijweg) hebben voorrang op kruisend verkeer.
- Voorrangskruispunt: bord B6 op de zijweg betekent dat verkeer op de hoofdweg voorrang heeft.
Voorrangsborden uitgelegd
Op verharde wegen wordt de voorrang vaak geregeld door verkeersborden uit de B-reeks. Hieronder de belangrijkste:
Haaientanden: wat betekenen ze?
Haaientanden zijn witte driehoeken op het wegdek met de punten naar jou toe. Ze betekenen exact hetzelfde als bord B6: voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg. Lees meer over deze en andere markeringen in de gids over wegmarkeringen.
- Punten naar jou toe: jij verleent voorrang.
- Punten van jou af: dat is voor de andere bestuurder, niet voor jou.
- Combinatie met bord B6: de haaientanden bevestigen het bord.
- Alleen haaientanden: dezelfde regel geldt ook zonder bord.
Voorrang voor speciale voertuigen
Trams: altijd voorrang
Trams hebben in Nederland een aparte status. Volgens artikel 15 RVV 1990 verlenen alle bestuurders voorrang aan trams, ook als die van links komen op een gelijkwaardige kruising. De enige uitzondering: als de tram zelf haaientanden of bord B6 heeft, dan verleent de tram voorrang.
Spoorvoertuigen: altijd voorrang bij overwegen
Bij spoorwegovergangen laat je het spoorvoertuig altijd voorgaan, ongeacht of er een verkeerslicht of slagboom is. Knipperende rode lichten betekenen altijd stop, ook als de spoorbomen nog open staan.
Hulpvoertuigen met optische en geluidssignalen
Politie, ambulance en brandweer met blauw zwaailicht en sirene moet je altijd voor laten gaan. Belangrijke regels:
- Beide signalen actief: alleen dan heeft het hulpvoertuig speciale voorrang. Alleen blauw zwaailicht zonder sirene betekent geen verplichting.
- Niet door rood: jij mag zelf niet door rood om plaats te maken (artikel 50 RVV).
- Wel rustig opzij: rijd rustig naar de kant en blokkeer de doorgang niet.
- Gele zwaailichten: dat zijn werkvoertuigen, geen hulpvoertuigen. Geen voorrangsregel.
Militaire kolonnes en uitvaartstoeten
Militaire kolonnes en uitvaartstoeten met aanduiding mag je niet doorbreken. Ook als het verkeerslicht voor jou groen is, mag je niet tussen de voertuigen door rijden.
In 1 keer slagen, met slagingsgarantie
Oefen met alle actuele CBR-examenvragen en ga met vertrouwen het examen in. Zak je toch? Dan oefen je gewoon gratis verder tot je slaagt.
Bekijk de slagingsgarantieVoorrang bij afslaan
Afslaan is een van de meest gestelde voorrangsvragen op het examen. De regels zijn helder maar worden vaak vergeten:
| Situatie | Wie heeft voorrang? |
|---|---|
| Jij slaat linksaf, tegemoetkomend gaat rechtdoor | Tegemoetkomend verkeer |
| Jij slaat linksaf, tegemoetkomend slaat rechtsaf | Tegemoetkomend verkeer |
| Jij slaat linksaf, tegemoetkomend slaat ook linksaf | Geen conflict, je passeert links |
| Jij slaat rechtsaf, tegemoetkomend gaat rechtdoor | Geen conflict, jullie kruisen niet |
| Jij slaat af, voetganger steekt over op de weg waar je in rijdt | Voetganger laten voorgaan |
| Jij slaat rechtsaf, fietser rijdt rechtdoor op fietspad | Fietser |
Voetgangers en zebrapaden
Op een gemarkeerd zebrapad moet je voetgangers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig voor laten gaan. Dit staat in artikel 49 RVV 1990. Ook fietsers op een fietspad dat je kruist hebben voorrang op afslaand verkeer.
- Op het zebrapad: voetganger en gehandicaptenvoertuig voor laten gaan.
- Voetganger wachtend op de stoep: geen verplichting om te stoppen, maar wel verstandig.
- Bij afslaan: voetgangers die de weg oversteken die jij oprijdt, voor laten gaan.
- Woonerf: voetgangers mogen overal lopen, jij rijdt stapvoets.
Twijfel je bij voorrangsvragen?
Voorrang is het grootste struikelblok op het examen. Oefen gratis en kom erachter waar je nog fouten maakt.
Start gratis proefexamen15 voorrangsvragen die op het examen voorkomen
Veelgemaakte voorrangsfouten op het examen
- Te snel rechts voor links toepassen: mensen vergeten de hoger geprioriteerde regels te checken.
- Voetganger op stoep voor zebrapad: geen verplichting tot stoppen als de voetganger nog niet de weg op stapt.
- Tram negeren: de tram heeft voorrang, ook als die van links komt.
- Uitrit niet herkennen: een oprit, parkeerplaats of tankstation verlaten betekent voorrang verlenen aan al het verkeer.
- Zwaailicht zonder sirene: alleen samen geeft voorrang. Sleepwagens met geel zwaailicht zijn geen hulpvoertuig.
- Fietser bij rechtsaf vergeten: fietsers op het fietspad hebben voorrang als jij rechtsaf slaat.
- Lijnbus binnen bebouwde kom: in 50 km/u-zones moet je een wegrijdende bus voor laten gaan.
Mini-quiz: test jezelf
Vijf vragen, directe feedback. Heb jij voorrang door?
🎯 Snelle check
Veelgestelde vragen
+Wat is de voorrangshierarchie volgens de RVV?
+Wanneer geldt rechts voor links?
+Heeft een tram altijd voorrang?
+Wat is het verschil tussen voorrang verlenen en voor laten gaan?
+Wat moet ik doen als een ambulance met sirene achter me rijdt?
+Wie heeft voorrang als ik linksaf wil en tegemoetkomend verkeer rechtdoor gaat?
+Hoe werkt voorrang op een rotonde?
+Heeft een voetganger op de stoep voor het zebrapad voorrang?
+Wat als ik uit een uitrit kom?
+Heeft een lijnbus voorrang als hij wegrijdt uit een halte?
+Geldt rechts voor links ook voor fietsers?
Verdiep je per onderwerp
Voorrang hangt samen met kruispunten, markeringen en verkeerslichten. Verdiep je verder:
Voorrang onder de knie krijgen?
Voorrang is het grootste struikelblok op het examen. Test gratis je niveau of word in 1 keer examenklaar met de cursus inclusief slagingsgarantie.

Nawfal Serraji
Gespecialiseerd in verkeersrecht, de Wegenverkeerswet en CBR-examenstof. Schrijft de kennisbank zodat jij in 1 keer slaagt. Volg op LinkedIn
Lees ook
- RVV 1990 · artikelen 15, 49, 50, 68 en 84
- Wegenverkeerswet 1994 · artikel 5
- CBR.nl · onderwerpen in het theorie-examen auto
