Kruispunt voorrangsregels: wie heeft voorrang en wanneer? (2026)
De voorrangsregels op een kruispunt hangen af van wat er aanwezig is: verkeersregelaar heeft altijd voorrang, daarna stoplichten, dan borden en haaientanden, en als er niets is geldt rechts-voor-links.
Volgorde gezag kruispunt: verkeersregelaar › stoplichten › borden/haaientanden › rechts-voor-links. Haaientanden: jij verleent voor, ongeacht richting. Tram: altijd voorrang op ongeregeld kruispunt. Uitrit: altijd voorrang verlenen aan al het verkeer.
De volgorde van gezag op een kruispunt
- 1. Verkeersregelaar: staat boven alles. Zijn aanwijzingen gaan altijd voor, ook boven stoplichten.
- 2. Verkeerslichten: stoplichten bepalen de voorrang. Groen = rij, rood = stop.
- 3. Borden en wegmarkeringen: bord B1 (voorrangsweg), B6 (voorrang verlenen), B7 (stop), haaientanden op het wegdek.
- 4. Rechts-voor-links: geldt als er geen van de bovenstaande aanwezig is (gelijkwaardig kruispunt).
Haaientanden: de meest voorkomende situatie
Haaientanden zijn driehoekige witte markeringen op het wegdek. De punt van de driehoek wijst naar de bestuurder die moet wachten. Zie je haaientanden voor je op het wegdek: jij verleent voorrang aan alle verkeer op de kruisende weg.
- Punt naar jou: jij verleent voorrang. Ongeacht de richting waaruit het verkeer komt.
- Haaientanden heffen rechts-voor-links op: ook als er verkeer van links komt, moet jij wachten als er haaientanden liggen.
- Rotonde: op de meeste rotondes liggen haaientanden voor de invoegstroken. Inrijdend verkeer verleent altijd voorrang aan verkeer op de rotonde.
Voorrangsweg (bord B1)
Op een voorrangsweg heb jij als rijder op de voorrangsweg altijd voorrang op bestuurders die de weg oprijden vanuit zijstraten. Dit geldt ook bij kruispunten met bochten in de voorrangsweg.
- Bord B1 (geel-wit ruit): jij rijdt op de voorrangsweg en hebt voorrang.
- Bord B2 (ruit met pijlen): einde voorrangsweg. Daarna gelden normale regels weer.
- Kruispuntbord: bij elk kruispunt op een voorrangsweg staat een verkleind kruispuntbord dat aangeeft hoe de weg loopt.
Bijzondere voertuigen op het kruispunt
- Tram: heeft op een ongeregeld kruispunt altijd voorrang, ook als de tram van links komt. De tramregel overstijgt rechts-voor-links.
- Voorrangsvoertuig (sirene + blauw licht): heeft altijd voorrang. Jij maakt ruimte.
- Fietsers: vallen onder rechts-voor-links op een ongeregeld kruispunt.
Kruispunt voorrangsregels: de kern
- Volgorde: verkeersregelaar › stoplichten › borden/haaientanden › rechts-voor-links
- Haaientanden: jij verleent voor, ook aan verkeer van links
- Bord B1: jij hebt voorrang op de voorrangsweg
- Tram: altijd voorrang op ongeregeld kruispunt
- Uitrit: altijd voorrang verlenen aan al het verkeer
Veelgestelde vragen
Wie heeft voorrang op een kruispunt?
Wat zijn haaientanden?
Heeft een fietser ook voorrang van rechts?
Wat is de volgorde van gezag op een kruispunt?
Kruispunt voorrang: verkeersregelaar › stoplichten › haaientanden/borden › rechts-voor-links. Haaientanden: altijd voorrang verlenen, ook aan verkeer van links. Tram heeft altijd voorrang op ongeregeld kruispunt.
